Google Tag Manager, handig of niet?

Google Tag Manager (GTM) is een tool van Google voor het beheren van 'tags'. Tags zijn stukken code die op websites geplaatst worden om gebeurtenissen van gebruikers te registreren. GTM zorgt ervoor dat deze tags op een eenvoudige manier beheerd kunnen worden zonder tussenkomst van een technische partij.

GTM wordt ingezet door verschillende partijen om sneller, met minder fouten en zonder hulp van technische mensen tags te kunnen beheren. GTM hoeft eenmalig geïmplementeerd te worden en kan daarna vanuit het beheer systeem van GTM beheerd worden.

Bij nieuwe campagnes, acties of ideeën kan er snel een tag worden toegevoegd of verwijderd om nieuwe inzichten te krijgen. Voorheen zou er veelvoudig gecommuniceerd moeten worden met de technische mensen om de benodigde tags door te voeren op de juiste plekken. GTM zorgt er daarbij ook voor dat er minder fouten ontstaan, omdat het overzichtelijk gemaakt wordt in het beheer systeem.

GTM maakt gebruik van containers. Elke container houdt de tags bij voor een website of app. Tags kunnen afkomstig zijn van bijvoorbeeld Analytics, AdWords, advertentie netwerken of externe partijen. Na het aanmaken van een container wordt er een code vrijgegeven. Deze dient eenmalig geplaatst te worden op elke pagina in de website. Vanaf dat moment is alles vanuit het beheer paneel te gebruiken.

Tags

De makkelijkste en meestal eerste stap is Analytics plaatsen om paginaweergaven te meten. Als de container is aangemaakt kunnen we een tag toevoegen, kies voor Google Analytics en vul de stappen aan met de informatie uit Analytics. Kies als trigger voor 'Alle paginaweergaven'.

Tags worden niet automatisch geplaatst. GTM werkt met een vorm van versiebeheer om wijzigingen duidelijk te maken. Voor kleine projecten zal het versiebeheer niet noodzakelijk zijn. Bij grote projecten waar meerdere marketeers werken aan een enkele container kan het handig zijn om de wijzigingen in te kunnen zien en eventuele fouten terug te kunnen draaien.

Voor nu kunnen we op publiceren drukken. Versie 1 is nu doorgevoerd op de website. Rechts bovenin GTM staat welke versie we op het moment aan het bewerken zijn.

Variabelen

Vaak maken we meerdere tags aan voor Analytics om gebeurtenissen, e-commerce analytics, en dergelijke te kunnen meten. In dat geval zouden we elke keer de tracking id moeten herhalen. Als het tracking id veranderd moeten we dit ook bij elke tag aanpassen. Daarom heeft GTM variabelen, variabelen zijn dingen (tekst, objecten, elementen etc.) die hergebruikt kunnen worden.

Onder variabelen maken we een variabele aan, het type is een constant. Dit houdt in dat de variabele een constante/vaste waarde heeft, in ons geval een regel tekst.

Nu we de variabele hebben aangemaakt kunnen we deze in de tags gebruiken. Variabelen beginnen altijd met {% raw %}{{{% endraw %} en eindigen met {% raw %}}}{% endraw %}. Ik heb de variabele ‘Tracking ID’ genoemd, we kunnen hem nu als volgt gebruiken.

Ingebouwde variabelen

Op bovenstaande manier kunnen we onze eigen variabelen aanmaken. GTM geeft ons ook een hoop ingebouwde variabelen. Dit zijn variabelen die door GTM gevuld worden en gebruikt kunnen worden in tags en acties.

‘Page path’ kan gebruikt worden om conversie codes te plaatsen. Zodra GTM wordt aangeroepen op de website waar de container is geplaatst wordt page path gevuld. Is de gebruiker bijvoorbeeld op de contact verzonden pagina, dan kan de waarde van page path bijvoorbeeld /contact-verzonden zijn.

Dit is een simpel voorbeeld. Enkele interessante ingebouwde variabelen:

  • Form URL kan gebruikt worden om te testen of het gebruikte formulier het zoekformulier is. Handig om zoekopdrachten te meten of als conversie te meten.
  • Error Message is handig om technische problemen snel af te vangen. We zouden de error berichten ook kunnen inschieten in Analytics en het aantal fouten over een bepaalde tijd kunnen meten.
  • Click element meten of er op een specifieke knop wordt geklikt. Makkelijk om te meten of een knop onderaan een landingspagina gebruikt wordt.

Triggers

Het laatste onderdeel van GTM is triggers. We hebben in de eerste stap gebruik gemaakt van de trigger ‘Alle paginaweergaven’, dit is een ingebouwde trigger. We kunnen ook onze eigen triggers maken, bijvoorbeeld om zoals hierboven de contact verzonden pagina te gebruiken.

Triggers kunnen verschillende dingen zijn, niet alleen URL’s, maar ook formulieren verzonden, foutmeldingen, klikken, enz. Trigger kunnen goed gecombineerd worden met variabelen.

Als voorbeeld maken we een trigger aan om een seintje te krijgen als de gebruiker een zoek formulier gebruikt.

We hebben Formulier verzenden gebruikt als gebeurtenis waarop de trigger wordt uitgevoerd. We gebruiken ‘Wait for tags’ zodat tags die we koppelen aan de trigger tijd hebben om ‘af te gaan’. Analytics heeft even tijd nodig om de gebeurtenis te versturen, met die optie wachten we daarop. We gebruiken de ingebouwde variabele Form URL om te testen of het om een zoek formulier gaat dat de gebruiker verstuurd. En als laatste kiezen we ervoor om de trigger bij alle formulieren uit te voeren.

Nu is het tijd om de trigger te gebruiken in een tag, en dus om te meten hoe vaak er een zoekformulier gebruikt wordt. De tag ziet er als volgt uit:

  • De eerste stappen zijn hetzelfde als bij onze algemene Analytics tag. We gebruiken Google Analytics en gebruiken de Tracking ID.
  • Het tracking type is veranderd. We gaan voor het zoekformulier een gebeurtenis inschieten. Deze komen in Analytics onder gebeurtenissen te staan. Als we het type op paginaweergaven zouden houden krijgen we dubbele paginaweergaven (één voor het gebruiken van het formulier en één voor de zoekpagina zelf).
  • Bij het tracking type gebeurtenis zijn er een aantal velden om de gebeurtenis te beschrijven (categorie, actie en label). Dit is handig om in Analytics de gebeurtenissen uit elkaar te houden, en te weten wat er gedaan is.
  • In de vierde en laatste stap kiezen we onder ‘meer’ voor onze aangemaakte trigger hierboven, ‘Zoek formulier trigger’.

Als we publiceren zouden we in Analytics onder gebeurtenissen onze hierboven aangemaakt gebeurtenis moeten terugzien. Let wel op dat het even kan duren voordat het in Analytics staat.

Testen

Nog een interessant onderdeel van GTM is de mogelijkheid om het te testen zonder het online te zetten. Als we bijvoorbeeld e-commerce analytics gaan gebruiken kan het al snel complex worden met koppelingen, meerdere tags, variabelen en acties. Daarbij zijn er veel dingen die fouten kunnen bevatten, denk aan prijzen die niet kloppen omdat de BTW er niet bijzit, kortingscodes die niet worden meegenomen enz.

Zonder GTM zouden we het online zetten en dan gaan testen. Dit betekend dat we ook foutieve informatie in Analytics inschieten. Bij bedrijven waar het van belang is dat de statistieken volledig kloppen is daarom testen van belang.

In GTM kunnen we rechts bovenin naast publiceren op het pijltje klikken en op preview/voorbeeld klikken. Voor de huidige gebruiker/computer is de voorbeeld modus nu aangezet en kan het op de website getest worden zonder dat iemand anders het ziet.

Een bijkomend voordeel van de test modus is het scherm wat onderin de website tevoorschijn komt. Hiermee kunnen we zien welke tags wel en niet afgevuurd zijn. Dit maakt testen stukken makkelijker.

Integratie met externe partijen

In het begin heb ik aangegeven dat ook tags van externe partijen gebruikt kunnen worden. Partijen die geen partner zijn van Google. Hiervoor kan bij het aanmaken van een tag gekozen worden voor ‘Aangepaste HTML-tag’. Tracking codes van externe diensten kunnen hierin gezet worden. Dit kan gebruikt worden voor bijvoorbeeld Facebook Pixels.

Conclusie

GTM is een interessante dienst die veel dingen makkelijk maakt, en vooral marketeers meer vrijheid geeft. Het nadeel is dat het wel zorgt voor nog meer bibliotheken/plugins op je website. GTM is niet één van de kleinere, omdat de mogelijkheden immens zijn.

In mijn ogen is GTM vooral een toevoeging voor grotere websites waar marketing van groot belang, bij bedrijven waarbij de technische afdeling een langere tijd nodig heeft om iets te implementeren of waarbij er meerdere marketeers werken aan een enkel project. Heb je een kleine website en maak je enkel gebruik van Analytics om paginaweergaven in te zien, dan zou ik GTM afraden. Het maakt het alleen maar lastiger, trager en biedt geen voordelen.

Met dit artikel hoop ik dat de basis van GTM enigszins duidelijk is geworden, dit is het topje van de ijsberg wat betreft de mogelijkheden. Met GTM is het mogelijk om behoorlijk complexe metingen te maken die ook in code een hoop tijd en moeite kosten. GTM maakt dit mogelijk met een relatief simpel beheer systeem, die ook heel complex kan worden.

GTM wordt pas echt interessant als we het koppelen met code om bijvoorbeeld gebruikers informatie, winkelwagen inhoud, product informatie, en data uit het bestel proces gebruiken in onze triggers, variabelen en tags. Het gebruik van de zogenaamde ‘data layer’ om data te koppelen zal ik later nog wat uitdiepen.

Terug naar boven